Kennisbankartikel

Wat zijn drijfveren en hoe werken ze?

Waarom reageren mensen zo verschillend op dezelfde situatie? Waarom motiveert de één wat de ander juist afremt? En waarom verklaren drijfveren zoveel van wat mensen doen?

Workshop Session

Drijfveren gaan niet over wie je bent, maar over wat je wilt.

Ze bepalen wat je belangrijk vindt, waar je energie van krijgt en wat je probeert te bereiken. Tegelijk beïnvloeden ze ook hoe je naar de wereld kijkt. Ze sturen je aandacht: welke informatie je opmerkt, welke kansen of risico's je ziet en welke betekenis je geeft aan wat er gebeurt.

Drijfveren vormen als het ware de kleurenbril waardoor je situaties waarneemt.

Daardoor kunnen twee mensen naar precies dezelfde situatie kijken en toch iets heel anders ervaren. De één ziet een kans om te vernieuwen. De ander ziet vooral de risico's. De één let op de sfeer in het team, terwijl de ander vooral kijkt naar structuur, snelheid of resultaat. Geen van beiden ziet de werkelijkheid verkeerd. Ze kijken er simpelweg vanuit een andere drijfverenbril naar.

Drijfveren bepalen wat je wilt. Gedrag is wat je doet om te krijgen wat je wilt.

Vanuit de werkelijkheid die jij waarneemt, ontstaat – meestal onbewust – gedrag waarvan jij verwacht dat het je helpt bereiken wat voor jou belangrijk is. Dat betekent dat gedrag niet uit het niets ontstaat. Er zit altijd een proces aan vooraf.

Wanneer je begrijpt hoe iemand een situatie ziet en wat iemand probeert te bereiken, wordt gedrag vaak verrassend logisch.

Tussen wat je belangrijk vindt en wat je doet, speelt je waarneming een cruciale rol. Gedrag ontstaat in drie stappen:

  1. Je drijfveren bepalen wat je belangrijk vindt.
  2. Die drijfveren kleuren hoe je de situatie waarneemt.
  3. Vanuit die waarneming kies je gedrag waarvan je verwacht dat het je helpt je doel te bereiken.

Mensen reageren daarom in dezelfde situatie vaak heel verschillend. Niet omdat ze anders zijn, maar omdat ze iets anders willen, de werkelijkheid anders ervaren en daardoor ander gedrag logisch vinden.

Wie gedrag wil begrijpen of beïnvloeden, moet daarom niet alleen naar het gedrag kijken, maar vooral naar de drijfveren en de waarneming die eraan voorafgaan. Dáár ontstaat het gedrag.

Drijfveren zijn contextafhankelijk

Je drijfveren staan niet los van de context waarin je je bevindt. Wat je belangrijk vindt en wilt bereiken, hangt samen met de context waarin je leeft en werkt.

Op je werk kunnen resultaat, verantwoordelijkheid en structuur centraal staan. Thuis zijn verbinding, zorg of geborgenheid misschien belangrijker. Ook als bestuurder, vrijwilliger of sporter kunnen weer andere drijfveren op de voorgrond staan.

Een andere context verandert niet wie je bent, maar wel wat je belangrijk vindt.

Dat betekent niet dat je een ander persoon bent. Je beschikt altijd over dezelfde zes drijfveren. Wel verschilt per context welke drijfveren het meeste invloed hebben op hoe je naar situaties kijkt en wat je probeert te bereiken.

Binnen een bepaalde context zijn je drijfveren meestal redelijk stabiel. Zo kan het patroon van drijfveren in je werkcontext anders zijn dan in je thuissituatie. Dat patroon blijft doorgaans herkenbaar, totdat de context wezenlijk verandert.

Drijfveren zijn dus stabiel, maar niet statisch.

Wanneer je context ingrijpend verandert, bijvoorbeeld door een grote gebeurtenis in je leven, kunnen andere drijfveren meer op de voorgrond komen. Daardoor leg je andere accenten in wat je belangrijk vindt, kijk je anders naar situaties en geef je een andere betekenis aan wat er gebeurt. Denk aan een reorganisatie, een nieuwe baan, de geboorte van een kind, een verhuizing of een andere ingrijpende gebeurtenis.

Binnen RealDrives noemen we zo'n patroon een contextprofiel: een relatief stabiele combinatie van drijfveren die past bij een bepaalde levenscontext, zoals werk, gezin, sport of vrijwilligerswerk. Juist doordat een contextprofiel herkenbaar blijft, maar kan meebewegen wanneer de context fundamenteel verandert, geeft het een realistisch beeld van wat mensen werkelijk drijft.

💡 Praktische tip voor leiders

Leiderschap begint niet bij het veranderen van gedrag, maar bij het begrijpen van wat gedrag veroorzaakt. Wie begrijpt wat mensen willen bereiken en hoe zij de situatie ervaren, kan de omstandigheden beïnvloeden waarin gedrag ontstaat. Door de context, verwachtingen en perspectieven te beïnvloeden, ontstaat ruimte voor ander gedrag.

Andere artikelen

Loading...